Materialen in gebouwen behouden waarde, ook na vijftig jaar. Toch schrijven gemeenten gebouwen vaak volledig af. Gemeente Heerenveen doet dat anders. Ze schrijven alleen af tot wat de materialen nog waard zijn. Die overgebleven waarde geeft ruimte voor circulaire keuzes, zonder het budget te overstijgen.
We spraken Marjan Draaijer-de Vries, Programmaleider circulaire samenleving, en Lennert Marinus, Programmamanager onderwijshuisvesting, over hun ervaring met circulair afschrijven.
‘Normaal gesproken schrijf je een gebouw in vijftig jaar af tot nul. Wij schrijven af tot de waarde die materialen dan nog hebben. De restwaarde berekenen we op basis van de aankoopprijs, minus kosten voor demontage, transport en opslag. Herbruikbare materialen leveren meer op dan recyclebare. Dat geeft financiële ruimte, bij een investering van vijf miljoen euro levert vijf procent restwaarde al 250.000 euro op. Die ruimte gebruiken we voor betere materialen, losmaakbare constructies of biobased isolatie.’
‘Onze gemeenteraad besloot om circulair bouwen de norm te maken. Niet als toekomstige ambitie, maar als het nieuwe normaal. We willen toonaangevend zijn in de circulaire samenleving.
Alle Friese gemeenten zijn lid van vereniging Circulair Friesland, samen met bijna tweehonderd andere leden zoals MKB, bouwpartijen en onderwijsinstellingen. In het programma Friesland bouwt circulair kijken we als opdrachtgevers hoe we circulair kunnen inkopen en bouwen. Elke gemeente draait mee met pilots. Wij doen dat met onderwijshuisvesting.
We hoorden dat gemeente Leeuwarden bezig was met financiële restwaarde. Dat klonk interessant. We zijn dat gaan verkennen met onze financiële afdeling. Kan dit? Wat vindt onze accountant ervan? Spannend was het wel. Hoe weet je zeker dat materialen over vijftig jaar nog waarde hebben? Maar eigenlijk is het logisch: je schrijft je materiaal toch niet naar nul af? Al zou je het recyclen, dan heeft het nog waarde.’
‘Bij gemeente Leeuwarden was het al gelukt, maar voor onze accountant was circulair afschrijven nog nieuw. Er zaten risico’s aan en accountants willen zekerheden inbouwen. Daarom voerden we veel gesprekken om het goed te onderbouwen.
We bouwden die zekerheid op vier manieren in:
Met deze stappen wisten we de accountant te overtuigen. In 2024 namen we het op in de begroting. Afgelopen jaar keurden alle grote accountantskantoren en de Centrale Rekenkamer de methodiek goed. Daarmee kan elke gemeente in Nederland ermee aan de slag.’

‘We passen circulair afschrijven vooral toe bij onderwijshuisvesting. We renoveren en bouwen veel scholen, waardoor we veel kunnen uitproberen. Tien jaar geleden moest een school vooral mooi zijn, nu is circulariteit net zo belangrijk. Kinderen groeien op in deze gebouwen, daar kun je laten zien hoe circulariteit werkt. Als gemeente wil je daarin het goede voorbeeld geven.
Kindercentrum De Buitenkans is daar een goed voorbeeld van. Hier zitten basisonderwijs en kinderopvang onder één dak. We hebben 1.795 vierkante meter gerenoveerd en 660 vierkante meter uitgebreid. We kozen voor hout als draagconstructie, voor de gevels en voor de kozijnen. Voor de isolatie gebruikten we biobased materialen. Zeventig procent van het gebouw is losmaakbaar. De financiële restwaarde bedraagt 7,4 procent van de investering.
Een andere school, kindcentrum Albertine Agnes, won in september 2025 een Europese prijs. Daar kozen we voor stro als isolatiemateriaal. De brandweer vond dat spannend, omdat dit in Nederland nauwelijks gebeurt. We moesten aantonen dat het veilig genoeg is. Dat betekende specialisten inschakelen, berekeningen maken en uitleggen waarom het werkt. Voor dit project waren er tien gesprekken nodig en kostte het vijf maanden extra tijd. Maar de vergunning kwam er en het project als geheel leverde uiteindelijk een Europese prijs op.’

‘De markt is vrij conservatief. Verandering kost tijd. Sommige circulaire oplossingen zijn technisch gemakkelijk toe te passen, als constructeurs de juiste kennis en mindset hebben. Maar een vergunning krijgen kan lastig zijn, omdat je iets anders doet dan gebruikelijk.
Dat vraagt tijd en doorzettingsvermogen. Je moet zoeken, selecteren en controleren of oplossingen voldoen. Je moet durven doorvragen, ook als iemand eerst “nee” zegt. Projecten duren daardoor een paar maanden langer. Het lukt niet altijd. Maar ook als het niet lukt, hebben we het onderzocht en leren we ervan.
We lopen ook tegen andere partijen aan. De welstandscommissie wilde bijvoorbeeld minder zonnepanelen op het dak, omdat het niet mooi genoeg zou zijn. Daar moet je samen uit zien te komen. En als je mensen weet te overtuigen, is dat ook mooi. Dat kost tijd, maar we bouwen voor vijftig jaar. Of je dan een half jaar eerder of later klaar bent, maakt niet uit. Inhoud gaat voor, en die tijd nemen loont’
‘Kies vanaf het begin partners die circulair bouwen als uitgangspunt hebben. Bij de selectie van partijen in de markt waarmee we samenwerken, zoals architecten en constructeurs, ligt de focus op hun circulaire expertise en op kwaliteit boven prijs. Ook bij aanbestedingen dagen we de markt actief uit om met betere, circulaire oplossingen te komen.
Zorg dat de hele organisatie meebeweegt. Investeer in training, van inkoop tot assetmanagement, en stel circulariteit en losmaakbaarheid als randvoorwaarden in je uitvraag. Leg bij oplevering een actueel materialenpaspoort vast in je beheersysteem, zodat materialen later ook echt herbruikbaar zijn.
Werk samen met partijen die kennis toevoegen en elkaar versterken. Schakel bijvoorbeeld een kennispartner in voor restwaarde of materialenpaspoorten, ontwikkel samen oplossingen, leer van elkaars expertise en gebruik data uit de praktijk
Durf te starten. Het voelt misschien spannend, maar accountants hebben de methode inmiddels omarmd. Het is toegestaan, het is controleerbaar en het werkt in de praktijk.’
‘De volgende stap is alle gebouwen doorrekenen op de daadwerkelijke restwaarde. Dan kun je materialen vergelijken. Misschien is het ene product duurder in aanschaf, maar levert het meer op aan het einde. We werken ook aan een definitie van “de circulaire school”. Samen met andere gemeenten, adviseurs en aannemers zetten we dat op papier. Dat helpt de beweging verder.
Daarnaast gaan we aan de slag met de openbare ruimte. We hopen dat meer gemeenten zich aansluiten, zodat we elkaar kunnen helpen. Samen werken we aan circulair bouwen, dat verdient meer versnelling.’
Schrijf je in voor de nieuwsbrief en we houden je op de hoogte van nieuws, tips en events over circulair inkopen in de toekomst.